Vragen stellen en problemen definiëren

515641_8532_Picto_VragenVragen_start

Wetenschappelijke vragen

“Hoe zit dat in elkaar?”

“Wat gebeurt er, en hoe komt dat?”

“Maar hoe weet je dat?” 

Gericht vragen stellen vormt een essentieel aspect van wetenschappelijke geletterdheid. Een vraag stellen is de eerste stap van verwondering naar onderzoek.

Vragen worden opgeroepen door nieuwsgierigheid over de wereld rondom. Waarom is de lucht blauw? Hoe groeit een plant van klein zaadje tot enorme boom? Hoe blijft een boot drijven?

Print

Nieuwsgierigheid kan gewekt worden door waarnemingen en observaties, maar vragen kunnen ook ontstaan door doorgedreven redenering vanuit een (al dan niet wetenschappelijke) gegeven verklaring.
Als planten hun bouwstenen uit de grond halen, moet dan de aarde in een plantenpot niet verminderen? Als een stalen boot drijft, en boomstammen drijven, blijft een stalen boot volgeladen met boomstammen ook drijven? 

De bovenstaande vragen zijn wetenschappelijke vragen, die aanzetten tot onderzoek, maar het zijn nog geen onderzoeksvragen. Het verfijnen van wetenschappelijke vragen tot concrete onderzoeksvragen is een specifieke sub-vaardigheid die expliciet ontwikkeld moet worden binnen wetenschapsonderwijs.

Onderzoeksvragen

Een onderzoeksvraag definieert het probleem en bakent het te onderzoeken systeem af. Maar wat maakt een vraag een “onderzoeks”-vraag? We kunnen volgende criteria vooropstellen (Strubbe et al., 2012):

  • Een goede onderzoeksvraag is eenduidig geformuleerd, en bevat geen ondubbelzinnige termen. Zo is de vraag “Welke kleur van bloemen zijn mooier?” geen goede wetenschappelijke vraag, omdat de invulling van het begrip “mooi” voor iedereen duidelijk verschillend is. Een vraag als “Welke kleur bij bloemen van variëteit X trekt de hoogste fractie bestuivers aan?” is dan weer wel een goede vraag.
  • Een goede onderzoeksvraag is ook voldoende gespecifieerd en afbakenend. Om terug te komen op het voorbeeld van hierboven: mocht de vraag geformuleerd zijn als “Welke kleur bloemen trekt de hoogste fractie bestuivers aan?”, dan is dit niet afbakenend genoeg. Wie garandeert dat sommige soorten geen bestuivers aantrekken met andere factoren dan kleur (zoals geur), waardoor het beeld vrij vertekend kan zijn.
  • Als het gaat over een effectieve onderzoeksvraag: is het haalbaar om te onderzoeken binnen een gegeven context (bv. in het schoollabo tijdens de uren wetenschappen)? Sommige onderzoeken vragen speciaal materiaal (bv. deeltjesversnellers) dat niet beschikbaar is, of specifieke omstandigheden die niet haalbaar zijn (bv. extreme temperaturen), of zijn niet realistisch door nodige tijdsduur (hoe organismen evolueren in huidige klimaatswijziging).

In vraag stellen

“Vragen stellen en problemen definiëren” gaat echter verder dan enkel “wetenschappelijke vragen” en “onderzoeksvragen” stellen (al is dit wel een essentieel aspect). Het gaat ook over aanvoelen en vragen stellen wanneer een argument verdere verduidelijking nodig heeft. Over vragen stellen die verklaringen kritisch onder de loep nemen en argumenten kritisch bekijken. Het gaat over bij observaties patronen en tegenstrijdigheden opmerken en hier vragen bij stellen waarom dat zo is, wat daar achter zou kunnen zitten. Over vragen die empirisch bewijsmateriaal vereisen, en vragen die modellen verfijnen.

vragen_kritiek

Om deze vaardigheid optimaal te ontwikkelen is een open klassfeer noodzakelijk waarbij vragen stellen expliciet wordt aangeleerd en aangemoedigd. Leerlingen moet de mogelijkheid geboden worden om hun vaardigheden tot vragen steeds uit te breiden en verder te verfijnen. Als leerkracht is het jouw taak om leerlingen te stimuleren om vragen te stellen over teksten die ze lezen, observaties die ze doen, maar ook over conclusies die ze trekken en hypothesen die ze stellen.